Limonadeblik

regenboogLimonade is kijken. Echt kijken naar wat er is.
Een limonadeblik denkt niet.

Een somber-grijze regenachtige dag is geen sombere dag meer als je echt kijkt.
Wat je denkt dat grijs is, blijkt eigenlijk een waas van paars in zich te hebben. Met een tintje donkerblauw. De lucht is een grijs-blauw-paars papaverveld met hier en daar een witte lappen-picknickdeken.

En wat wit lijkt is niet wit, maar heel licht zomerblauw, en het wordt een slome beweging, een traag voorbij drijven van gekleurde eilandjes, terwijl op de voorgrond bomen in dikke bladerjassen prachtig staan te wezen.

Noem dat maar een sombere dag…

En op het moment dat je je deze limonadeblik hebt eigengemaakt, komt ie tevoorschijn, zomaar, uit het niets: een regenboog.

Hoeveel meer limonade wil je het hebben?

spijbeldagje

2014-05-19 09.53.29

In mijn vorige bericht had ik geconstateerd dat mijn dankbaarheid voor wat en wie ik om me heen heb, zich teveel op mijn meditatiekussen en te weinig in de dagelijkse praktijk van mijn leven laat voelen. Alle reden om daar iets aan te veranderen dus. Daarom heb ik vandaag gespijbeld. Mijn werk mijn werk gelaten. Om een vriendinnetje dat ik alweer veel te lang niet gezien had, te zien. En om te genieten van het lekkere weer tijdens een fietstocht van Deventer naar Zutphen. En terug. Wat je dan allemaal tegenkomt? Oh gewoon. Ooievaars. Hazen. Overvliegende ganzen. Grazende paarden in de wei met veulens. Klaprozen. Koeien met kalfjes. Schaapjes op een kluitje in de schaduw van een boom. Zwanen met jongen. Bootjes. En heel veel IJssel. Je kan bijna helemaal de IJssel blijven volgen. En als de weg dan af en toe wat verder landinwaarts voert, fiets je tussen prachtige boerderijen en molens door. Geweldig mooi. Het leven is genieten. Dit moet ik echt vaker doen.

Puur natuur

Ik kreeg veel leuke reacties op het recept voor brandnetelsoep dat ik een week geleden plaatste. Mijn yogadocente Maamke attendeerde me op dit recept voor pesto van zevenblad. Het originele recept is op haar website te vinden, http://www.maamke.nl, waar je je ook kan opgeven voor haar leuke inspirerende nieuwsbrief. Ik tekende het recept.

zevenbladpesto

Misschien toch een goede reden om met dit druilerige weer even naar buiten te gaan…

Spullen uit de natuur

DSC_0034

In het kader van es even minder met spullen bezig zijn, trok ik gisteren lekker de natuur in. Ter lering ende vermaak. Want ik ga niet alleen ontspannen wandelen en de omgeving leren kennen, maar ook mijn eigen avondmaaltje bij elkaar plukken. Een aardige dame van IVN Deventer en de zeer bevlogen en enthousiasmerende Thijmen van Bushcraft International nemen ons mee rond Natuurderij Keizersrande en laten zien wat er zoal eetbaar is in de natuur. Ik dacht daar al best wat vanaf te weten, maar dat viel toch even tegen. Brandnetels had ik al weleens verwerkt tot soep en uiteraard had ik tijdens lange wandelingen wel op zuring gekauwd. En dat je van de bladeren van Weegbree en Paardenbloem een prima salade kan maken, was me ook bekend. Maar op Zevenblad had ik nooit durven kauwen. De bladeren van de Meidoorn en Vlierbessen ongekookt in mijn mond stoppen, mij niet gezien. Maar dat kan dus wel. Net als een Madeliefje eten, Hondsdraf, Pinksterbloem en een takje van de Wilg. Daslook, Look zonder Look, Hop, Rode Klaver, Duizendblad. Bijna alles is eetbaar!

Vlier zou bovendien kwade geesten op afstand houden. Maar het hout kan je beter niet branden, want daarbij komen dezelfde stoffen vrij als asbest. Boterbloemen moet je niet eten, hoe verleidelijk ze er ook uitzien. Pinksterbloem smaakt naar mosterd en Daslook naar knoflook. Geelwortel kan je op wratjes smeren en Hondsdraf op wondjes. Brandnetel smeer je op puistjes en eczeem, en als je je daarbij geprikt hebt, houd er dan het blad van de Smalle Weegbree tegenaan. Drink thee van van Smalle Weegbree, Rode klaver, Meidoorn, Berkenblad, Vlierbloesem en Paardenbloem. En als je vermoeide voeten hebt, leg dan een takje Bijvoet in je schoen.

Alle geplukte bladeren zijn tot soep gekookt. De Daslook is in een kruidenkaasje verwerkt. En wat er toen nog over was, ging door het beslag voor de pannenkoeken. Zelf vuur maken met een vuurboog is niemand gelukt, dus in die zin zouden we als we ooit moeten overleven in de natuur, op rauwe bittere en zure bladeren en besjes moeten kauwen, maar ach, honger maakt rauwe bonen zoet. Ik weet trouwens niet of ik tijdens mijn volgende wandeling nog iets zou herkennen van wat we geplukt hebben. Het lijkt ook allemaal zo op elkaar, hè, met die bladeren en groene kleuren… Maar toch, Zevenblad zou ik nog wel herkennen; daar kan je prima stamppot van maken en dat is een stuk goedkoper dan dure groenten uit de supermarkt. En Brandnetelsoep bevat net zoveel ijzer als spinazie en veel vitamine C. ’t Is maar dat je het weet.

Voordat jullie nu massaal het bos in rennen en terugkeren met tassen vol bladeren en bessen, wel even deze raad: pluk alleen iets als je absoluut zeker weet wat het is en dat het geen kwaad kan. En zelfs dan, eerst een beetje proeven om te kijken hoe je lichaam erop reageert. Eet smakelijk.

Zonder kinderen naar de dierentuin is zoo limonade

2014-04-11 14.35.42

Sommige dingen zijn alleen weggelegd voor mensen met kinderen. Pretparken, de Efteling, dierentuinen, speurtochten, dat soort dingen. De laatste keer dat ik in een dierentuin was, moet zeker vijf jaar geleden zijn. Met mijn oma in Artis. Want sommige dingen die zijn weggelegd om met kinderen te doen, kunnen met oude oma’s ook. Die dierentuinbezoeken duurden nooit lang. Het waren korte wandelingen die toevallig door Artis voerden, omdat dat naast de deur was. Oma achter haar rollator, ik er vrolijk babbelend naast. Ik wilde nog wel eens bij de apen kijken, en bij de leeuwen, maar als mijn oma er genoeg van had, stiefelde ze regelrecht naar de uitgang, en kon ik niks anders doen dan volgen. Om haar te bevrijden uit de draaideur, want de zijuitgang was een draaideur waar zij altijd vast kwam te zitten met haar rollator.

olifant

De keer daarvoor moet het met een klein nichtje geweest zijn, een bezoek aan de dierentuin. En daarvoor met een klein neefje. En daarvoor was ik zelf nog klein en nam mijn oma me mee, of mijn ouders. Om niet een beetje gek aangekeken te worden in de dierentuin moet je of kind zijn of er een of meer bij je hebben. Of een oude oma. Met klein kind noch oma voorhanden, was er wel een marketingonderzoek in Burgers Zoo waar we aan mee konden werken. Toch een bezoek aan een dierentuin dus. Hoe limonade is dat. Om de vale gieren te beklagen in hun kleine hok, de depressieve chimpansees, een gestreste panter, de hongerige giraffe, de communicatieve pinguïns, de opgekrulde python, de zeer beklagenswaardige zeehonden. Tijgerjongen op jacht op eenden, krijsende flamingo’s, verdrietige uilen, eenzame kangoeroes, gorilla’s met tweelingjongen, jakhalzen die eruit zagen als schattig knuffelbare hondjes. En om verliefd te worden op de bush.

vogel

Terwijl we er koffie en thee dronken, waande ik me in de jungle van Indonesië. Het rook er naar zoete vruchten. Boven de hoge palmbomen uit vlogen grote vleermuizen, een kakofonie van vogelgetjirp en -gezang. Ruisen van water in een beekje, verderop naar beneden klaterend in een waterval. Exotische vogels in de bomen, op de grond, in het water, op de kant. Ik leek wel op reis. Steeds opnieuw snoof ik de zoete geuren op, liet de geluiden die ik niet kon thuisbrengen opnieuw mijn oren binnendringen, knipperde met mijn ogen om de kleuren opnieuw in hun volheid te zien. Ik had me het liefst in de bosjes verstopt. Om dan na sluitingstijd door het dichtbegroeide woud te sluipen. Met een roestige pijlsnelle verrekijker. Of een hangmat tussen de bomen gespannen en me daarin verschanst. Met overigens hetzelfde doel. Maar onze gps voor het onderzoek moest terug naar de onderzoekers. We werden gevolgd, dus van een geslaagde verstoppoging kon sowieso geen sprake zijn. Met een gevoel van spijt leverde ik het apparaat in. Misschien wordt het tijd voor weer eens wat echte jungle om me heen…

zeehond

Vijftig tinten groen

IMG_20140409_121143

Wat is de natuur in een paar dagen veranderd! Vorige week waren de bomen nog kaal, -bloesemende bomen uitgezonderd- en deze week is alles groen. Knalgroen, intens groen, neongroen. Als klein meisje, en eerlijk gezegd -maar houd dit maar tussen ons, oké- als groter meisje ook nog, probeerde ik altijd het moment te vangen dat de bomen van kaal ineens weer blad hadden. ’t Gebeurt altijd binnen enkele dagen. Nu begon het afgelopen maandag. Een groene explosie, of om preciezer te zijn: een schuchter groen explosietje, die dinsdag al iets uitbundiger was, en vandaag staan de bomen in het park al in vol ornaat groen te wezen. De straat waar ik van mijn werkkamer op uitkijk, begint zich aan mijn oog te onttrekken. Groene bladergordijnen, wapperend in de wind, ontnemen me het zicht. En geven me er een veel spectaculairder uitzicht voor terug. Groen, overal waar ik kijk. Heerlijk vind ik het. Zo is die stiekeme kou ook wel te dragen, omdat er in groene kou een belofte schuilt dat het snel weer warm gaat worden. En anders sla je toch gewoon zo’n bladerdekentje om.

Een lesje mindfulness van een broedende zwaan

zwanen 3

Wat een heerlijke dag was het gisteren. Iedereen leek aan de wandel. Mensen met blote armen, een enkeling zelfs al met blote benen, overal blije gezichten, vriendelijke glimlachen, alle terrasjes vol. Ik wandelde met een omweg door het park naar het terras en kwam toen dit zwanenechtpaar tegen. Het moment dat het vrouwtje het grote ei waarop ze zit te broeden even liet zien ging te snel voorbij om er een duidelijke foto van te maken, maar geloof me, het was gigantisch. Een mega-ei. Moet natuurlijk ook wel als er zo’n grote vogel uit moet komen, maar dan nog. Terwijl het mannetje rare fratsen uithaalde in het water –hij was onder andere een watermeter aan het slopen-, bleef het vrouwtje rustig zitten, heel mindful rangschikte ze de takjes om haar heen verder tot een goed nest. Ze trok zich weinig aan van alle aandacht die ze kreeg van schreeuwende kinderen, wijzende mensen en fotograferende bloggers. Het lijkt me geweldig als je je zo van alles kan afsluiten. Als je midden in de drukte je rust kan vinden. Ik neem dit beeld mee ter inspiratie. Een volgende keer als ik me onrustig voel visualiseer ik deze vrouwtjeszwaan en trek me terug in mijn imaginaire verenkleed, tussen mijn grote vleugels.

Een fatale ontmoeting

Kakkerlak

Wat een consternatie gisteren! Het begon allemaal vrij rustig. Een pissebed in de kamer, kan gebeuren, niets aan de hand. Het arme beestje moest gewoon even naar buiten begeleid worden. En met een flinke hoeveelheid keukenpapier ben ik daar prima toe in staat. Dus. Situatie 1: Pissebed op keukenpapier in mijn linkerhand, ik doe met rechts de voordeur open, loopt er alsof ie al de hele dag aan het wachten was tot ik eindelijk eens die deur open zou doen- een megagrote spin doodgemoedelijk naar binnen. Alsof het zijn huis is. Goedemiddag meneer Spin, hoe maakt u het? Ik had het gevoel alsof ik een Annie M.G. Schmidt-verhaaltje was in gekatapulteerd. Kopje koffie, meneer Spin? Maar de spin had geen zin in een praatje en verdween onder een achtergebleven oud stuk vloerbedekking in de hal. Exit spin. En hoe hilarisch ook, ik was wel even geschrokken. Dus die arme pissebed lag weer op de grond. Pissebed weer op keukenpapier en nu via de achterdeur buiten gezet. Ga maar lekker buiten spelen.

Weer binnen valt mijn oog op een ander beest. Eerste gedachte: Kakkerlak. Tweede en derde gedachte ook. Eerste reactie: paniek. Tweede en derde reactie ook. Een kakkerlak komt nooit alleen, weet ik. Ik dwing mezelf tot ademen. Rustig. Think Lemonade. Wat moet een kakkerlak bij ons in huis? Het is theoretisch gezien mogelijk dat ie in mijn rugzak is mee gelift uit India. Daar ben ik niet lang geleden geweest. Het is theoretisch gezien ook mogelijk dat ie is meegekomen met de tweedehands spijkerbroeken van het Waterlooplein, die ik daar zaterdag heb gekocht. Het Beest beweegt gelukkig niet. Ik besluit dat ik niet alleen maar versteend kan blijven staan kijken; ik moet tot actie over gaan. Dus doe ik wat ik ook altijd in India doe als mijn kamer vergeven blijkt van kakkerlakken: ik zet er bekers en glazen en potten overheen. Want doodmaken durf ik niet. En laten lopen ook niet. Dus situatie 2: Glas met kakkerlak in halletje.       

Internet om raad gevraagd. Moeders om raad gevraagd. Hele huis grondig doorzocht en schoongemaakt. Voel me een beetje misselijk inmiddels. En twijfel. Deze kakkerlak heeft namelijk geen voelsprieten, en dat hebben alle kakkerlakken op internet wel. En de kakkerlakken zoals mijn moeder ze kent ook. Maar verder lijkt dit Beest echt op de plaatjes. En er ligt een wit balletje naast, dat zijn natuurlijk eitjes. Dat zegt internet namelijk ook.

Mijn vriend brengt me terug in de realiteit. Gelukkig. Waarom heb je een kever in een glas gevangen? Een kever? Denk je echt dat het een kever is? Ja hoor, doodgewone huis-tuin-en keuken-kever. Geen voelsprieten, iets wat vleugeltjes kunnen zijn. Naast een wit paprikapitje. Situatie 3: Dode kever – buiten. Arm beest. Om het leven gekomen op weg naar zijn bevrijding. Ik denk dat Annie M.G. Schmidt er iets van zou maken als: kijk uit als je een pissebed behulpzaam wilt zijn. Er kunnen slachtoffers vallen.