Een nieuw begin

paashaas

Hoe moet je limonade maken van een Pasen die grotendeels in het ziekenhuis werd doorgebracht? Ik denk door allereerst de hoofdrolspelers aan jullie voor te stellen: mijn schoonmoeder en een paashaas.
Die haas rende zichzelf midden in de nacht tussen Groningen en Deventer te pletter tegen onze auto, toen we donderdagnacht terugreden uit het UMCG van een levertransplantatie voor mijn schoonmoeder die niet doorging omdat de lever werd afgekeurd. Deze haas is niet meer dan symbolisch: een teken dat er met Pasen opnieuw iemand zou sterven met een voor haar geschikte lever.
Dan mijn schoonmoeder. Ik weet niet of zij aan de paaseieren zat toen het telefoontje op eerste paasdag haar vertelde dat ze weer snel naar het ziekenhuis moest komen. Misschien keek ze televisie. Of lag ze te slapen. Waarschijnlijk was er in de tuin een kat aan het miauwen. Dit is speculatie. Ik weet wel dat ze bang was vlak voor ze de OK in ging, en heel dapper. Ik weet dat ze haar oude lever in de OK achterliet en tien uur later met een nieuwe lever naar de IC werd gereden. Ik weet dat ze daar nu met tientallen slangetjes en draadjes aan allerlei piepende en knipperende apparaten is vastgekoppeld.
Pasen draagt de belofte in zich van een nieuw begin. Al die eieren, bloemen, broedende vogels, lammetjes in de wei. Met Pasen bruist alles van nieuw leven. En een nieuwe lever voor mijn schoonmoeder betekent voor haar in zekere zin ook een nieuw leven. Er waren geen paaseitjes in het ziekenhuis. Maar er was een haas die een nieuwe lever bracht. En dat is een heel goed begin. Misschien een wat povere poging tot limonade, ik weet het. En een dappere schoonmoeder die beter verdient. Maar in elk geval limonade gemaakt met heel veel liefde.

Ik adopteer een appelboom

tuinkers sla

Heb ik mijn roeping gemist, vroeg ik me gisteren af terwijl ik de sla uit de tuin aan het oogsten was, er wat zelf gekiemde tuinkers doorheen deed en bieslook uit de tuin plukte. Ik keek om me heen, zag de aardbeienplantjes vrolijk de lucht in schieten, paprika en komkommer dapper verder groeien en de door slakken aangevreten radijs zich weer herstellen. Terwijl ik de veel te lang verwaarloosde tomatenplantjes eindelijk verpotte, bedacht ik dat ik binnen op de vensterbank nog ui, lavendel en wat kruiden had gezaaid, die inmiddels ook wel een buitenplekje verdienden.
Het liefst zou ik een appelboom hebben. Nog liever een appelboomgaard. En het allerliefst een kersenboomgaard. Maar in ons tuintje van 2 x 3 is dat niet erg haalbaar. Dus ben ik blij met mijn aalbessenstruik, met mijn doornloze braamstruik met extra doorns en mijn vijg. En de druif van de buurvrouw. Maar toch, een echte boom… Waar je een schommel in kan hangen. En dan een kindje op de schommel dat eindeloos geduwd wil worden…
Maak Limonade is voor mij: die laatste gedachte niet denken. Of er in elk geval niet te lang bij stil blijven staan. Bedenken dat het ook fijn is om zelf bij maanlicht onder bloesemende takken te schommelen. Met mijn innerlijke kind. Of zoiets. Ik denk dat ik een appelboom ga adopteren. Dat kan. Dan krijg je een eigen boom met een naambordje en die mag je dan in het najaar zelf leeg komen plukken. Geweldig toch? Niet zo leuk als een boom in eigen tuin, maar toch een goed alternatief. En dan ga ik zelf vijf kilo appels plukken. Met mijn innerlijke kind. Als dat geen lekkere Limonade geeft.

Alle goede voornemens ten spijt –column bijwerken, serie voor De Stentor schrijven en schrijven aan mijn boek- is het een inspiratieloze dag. Ik weet ook wel waarom: ik voel de dreiging van een naderende migrainestorm. Soms zet dat me juist aan om nog snel allerlei nuttige dingen te doen voor ik drie dagen in coma verdwijn, maar andere keren –zoals nu- legt het me bij voorbaat al lam. Als oppepper voor mezelf heb ik al mijn zelfgemaakte dingen in huis gefotografeerd.

  DSCN4778 DSCN4777 DSCN4776 DSCN4775 DSCN4774 DSCN4773 knuffels DSCN4764 DSCN4765 DSCN4766 DSCN4767 DSCN4768 DSCN4769 DSCN4770 DSCN4762 DSCN4759 DSCN4755 DSCN4757 DSCN4753 DSCN4748 DSCN4747 DSCN4738 DSCN4739 DSCN4740 DSCN4741 DSCN4744 DSCN4745 DSCN4746 DSCN4737 DSCN4735 DSCN4729 DSCN4731 DSCN4732  DSCN4728 DSCN4779 DSCN4733

Zonder kinderen naar de dierentuin is zoo limonade

2014-04-11 14.35.42

Sommige dingen zijn alleen weggelegd voor mensen met kinderen. Pretparken, de Efteling, dierentuinen, speurtochten, dat soort dingen. De laatste keer dat ik in een dierentuin was, moet zeker vijf jaar geleden zijn. Met mijn oma in Artis. Want sommige dingen die zijn weggelegd om met kinderen te doen, kunnen met oude oma’s ook. Die dierentuinbezoeken duurden nooit lang. Het waren korte wandelingen die toevallig door Artis voerden, omdat dat naast de deur was. Oma achter haar rollator, ik er vrolijk babbelend naast. Ik wilde nog wel eens bij de apen kijken, en bij de leeuwen, maar als mijn oma er genoeg van had, stiefelde ze regelrecht naar de uitgang, en kon ik niks anders doen dan volgen. Om haar te bevrijden uit de draaideur, want de zijuitgang was een draaideur waar zij altijd vast kwam te zitten met haar rollator.

olifant

De keer daarvoor moet het met een klein nichtje geweest zijn, een bezoek aan de dierentuin. En daarvoor met een klein neefje. En daarvoor was ik zelf nog klein en nam mijn oma me mee, of mijn ouders. Om niet een beetje gek aangekeken te worden in de dierentuin moet je of kind zijn of er een of meer bij je hebben. Of een oude oma. Met klein kind noch oma voorhanden, was er wel een marketingonderzoek in Burgers Zoo waar we aan mee konden werken. Toch een bezoek aan een dierentuin dus. Hoe limonade is dat. Om de vale gieren te beklagen in hun kleine hok, de depressieve chimpansees, een gestreste panter, de hongerige giraffe, de communicatieve pinguïns, de opgekrulde python, de zeer beklagenswaardige zeehonden. Tijgerjongen op jacht op eenden, krijsende flamingo’s, verdrietige uilen, eenzame kangoeroes, gorilla’s met tweelingjongen, jakhalzen die eruit zagen als schattig knuffelbare hondjes. En om verliefd te worden op de bush.

vogel

Terwijl we er koffie en thee dronken, waande ik me in de jungle van Indonesië. Het rook er naar zoete vruchten. Boven de hoge palmbomen uit vlogen grote vleermuizen, een kakofonie van vogelgetjirp en -gezang. Ruisen van water in een beekje, verderop naar beneden klaterend in een waterval. Exotische vogels in de bomen, op de grond, in het water, op de kant. Ik leek wel op reis. Steeds opnieuw snoof ik de zoete geuren op, liet de geluiden die ik niet kon thuisbrengen opnieuw mijn oren binnendringen, knipperde met mijn ogen om de kleuren opnieuw in hun volheid te zien. Ik had me het liefst in de bosjes verstopt. Om dan na sluitingstijd door het dichtbegroeide woud te sluipen. Met een roestige pijlsnelle verrekijker. Of een hangmat tussen de bomen gespannen en me daarin verschanst. Met overigens hetzelfde doel. Maar onze gps voor het onderzoek moest terug naar de onderzoekers. We werden gevolgd, dus van een geslaagde verstoppoging kon sowieso geen sprake zijn. Met een gevoel van spijt leverde ik het apparaat in. Misschien wordt het tijd voor weer eens wat echte jungle om me heen…

zeehond

Vijftig tinten groen

IMG_20140409_121143

Wat is de natuur in een paar dagen veranderd! Vorige week waren de bomen nog kaal, -bloesemende bomen uitgezonderd- en deze week is alles groen. Knalgroen, intens groen, neongroen. Als klein meisje, en eerlijk gezegd -maar houd dit maar tussen ons, oké- als groter meisje ook nog, probeerde ik altijd het moment te vangen dat de bomen van kaal ineens weer blad hadden. ’t Gebeurt altijd binnen enkele dagen. Nu begon het afgelopen maandag. Een groene explosie, of om preciezer te zijn: een schuchter groen explosietje, die dinsdag al iets uitbundiger was, en vandaag staan de bomen in het park al in vol ornaat groen te wezen. De straat waar ik van mijn werkkamer op uitkijk, begint zich aan mijn oog te onttrekken. Groene bladergordijnen, wapperend in de wind, ontnemen me het zicht. En geven me er een veel spectaculairder uitzicht voor terug. Groen, overal waar ik kijk. Heerlijk vind ik het. Zo is die stiekeme kou ook wel te dragen, omdat er in groene kou een belofte schuilt dat het snel weer warm gaat worden. En anders sla je toch gewoon zo’n bladerdekentje om.

Nostalgie op zondagochtend

forsythia 2

Elke zondagochtend lig ik te wachten tot de kerkklokken beginnen te luiden. Dat deed ik in Utrecht en dat doe ik nu in Deventer ook. Om precies 9.40 beginnen ze. En precies op datzelfde moment word ik terug het verleden in gekatapulteerd. In mijn jeugd om precies te zijn, en nog specifieker, naar het huis van mijn opa en oma in Blerick. Het klokkengeluid doet me daar ontwaken op zo’n zelfde zondagochtend. Mijn zusje en ik in het tweepersoonsbed waarin we altijd naar het midden toe rollen en om het hardst om deken vechten. Op zondagochtend de trap af, eerst de kou van onze blote voeten op de stenen vloer in de keuken, waar mijn ouders iets lekkers voor ons hebben neergelegd, dan de rokerige woonkamer in, waar we tv mogen kijken tot de volwassenen ontwaken. Soms zit mijn opa er al. Hij rookte Caballero sigaretten zonder filter.

Hoewel dit niks meer met de zondagochtend te maken heeft, hoort bij dit beeld ook de -in mijn beleving- altijd bloeiende forsythia in de enorme achtertuin van mijn opa en oma. En daarom begon ik dit verhaal eigenlijk te vertellen: omdat ik nu vanuit mijn slaapkamerraam uitkijk op een prachtig bloeiende forsythia in mijn eigen achtertuintje. En zo komen het geluid van die beierende kerkklokken en het beeld van die forsythia in vol ornaat samen. De gong die bij mijn opa en oma in de gang hing, hangt nu bij mijn zusje, en zal ongetwijfeld bij haar dezelfde nostalgische gevoelens losmaken. Ik heb wat takken van de forsythia in een vaas gezet, om het beeld wat langer vast te houden. Nostalgie die blij en melancholisch stemt tegelijk.

Flarfen zullen we

 

flarfen 1

Wat hebben een schaap, een flierefluiter, inflatiecorrectie, een zoen, een overgangsnorm en een melkrobot met elkaar gemeen? Niet veel natuurlijk, zo op het eerste gezicht. Maar als je op deze woorden zoekt in Google, en de resultaten een beetje handig uitkiest en schikt, dan kan het maar zo zijn dat je je ineens afvraagt hoe het kan dat je die samenhang niet eerder gezien hebt. Of dat je verrast naar je gedicht staart en denkt: heb ik dat geschreven? Of dat je denkt, wat een grote onzin. En dan ben je dus aan het flarfen. Wat? Flarfen ja. Dat je een gedicht maakt uit zoekresultaten van Google. Een zogenaamde readymade. Je geeft zoektermen aan in Google en uit de resultaten die jou aanspreken, stel je een gedicht samen. Zo krijg je hele verrassende gedichten. Mijn vriend gaf een workshop flarfen in Deventer, in Coffee Together. En dat was erg leuk. Marcel Duchamps urinoir kwam voorbij, en malafide dichtwedstrijden. Veel toffe voorbeelden. En zeg nou zelf, hoe vaak zoek je voor een gedicht in Google naar: schaap – flierefluiter – inflatiecorrectie – zoen – overgangsnorm en melkrobot?

Het bier wordt verdeeld en dat, Heren/Dames, is goed tegen hooikoorts. Net als zoenen. Een leerling mag niet doubleren. Ben je bang voor je beugel? De speciaal opgeleide specialisten helpen u hier graag bij. Maar hij is altijd schaap gebleven.

Met roodkapje – bloesem – lasagne – lente en hooikoorts maakte ik het volgende flarfgedicht:

Rood verlangen is klein, weet je nog. Zo alleen. Parijs. Witte bloesem en jasmijn. Jij was een vegetarisch hapje, ik een vers product van droomweefsel. De hemel hing laag en droeg vlekjes, blaasjes en korstjes.

Het is echt heel leuk om te doen. Probeer maar. Je gaat jezelf verrassen. Oké, een flarfgedicht met resultaten van brug – levertransplantatie – waarom – opera en volkswagenbus. Wie durft?

 

Vandaag blijf ik gewoon es even binnen

postcrossing kaartjes

Bij gebrek aan energie en een surplus aan snot lijkt vandaag een niet al te productieve werkdag te worden. Waar moet je je inspiratie vandaan halen als je hoofd wattig is en roept om warme dekens? Een prima dag om een achterstand postcrossing-kaartjes in te lopen. Je weet wel, die kaartjes die je stuurt naar een willekeurige stranger ergens ter wereld. En dat je dan zelf ook kaartjes ontvangt van mensen die je niet kent, uit alle uithoeken van de wereld. Zo blij word ik van die post. Dus. Nu ligt er een hele stapel post klaar om verstuurd te worden. Waarheen? Nou gewoon, naar de Oekraïne, Duitsland, Zutphen, Culemborg, Estland, Rusland, Amersfoort en Japan. En om de postbodes ook wat blijdschap in hun werk te geven, zijn de enveloppen leuk versierd met Wasabi tape. Alhoewel ik de kaartjes geloof ik liever per luchtpost met de Vlaamse Gaai op het dak tegenover het slaapkamerraam mee zou sturen. Wat zit jij daar nou te kijken? Roep je me naar buiten? Morgen weer, vriend. Maar blijf vooral zitten. Laat die zon maar lekker op je blauwgrijze verenkleed schijnen. Dan ben ik toch een beetje buiten.

Een lesje mindfulness van een broedende zwaan

zwanen 3

Wat een heerlijke dag was het gisteren. Iedereen leek aan de wandel. Mensen met blote armen, een enkeling zelfs al met blote benen, overal blije gezichten, vriendelijke glimlachen, alle terrasjes vol. Ik wandelde met een omweg door het park naar het terras en kwam toen dit zwanenechtpaar tegen. Het moment dat het vrouwtje het grote ei waarop ze zit te broeden even liet zien ging te snel voorbij om er een duidelijke foto van te maken, maar geloof me, het was gigantisch. Een mega-ei. Moet natuurlijk ook wel als er zo’n grote vogel uit moet komen, maar dan nog. Terwijl het mannetje rare fratsen uithaalde in het water –hij was onder andere een watermeter aan het slopen-, bleef het vrouwtje rustig zitten, heel mindful rangschikte ze de takjes om haar heen verder tot een goed nest. Ze trok zich weinig aan van alle aandacht die ze kreeg van schreeuwende kinderen, wijzende mensen en fotograferende bloggers. Het lijkt me geweldig als je je zo van alles kan afsluiten. Als je midden in de drukte je rust kan vinden. Ik neem dit beeld mee ter inspiratie. Een volgende keer als ik me onrustig voel visualiseer ik deze vrouwtjeszwaan en trek me terug in mijn imaginaire verenkleed, tussen mijn grote vleugels.

Yoga met extra vitamine C

mediterende vrouw

Een nieuwe stap nemen, een nieuw woord uitspreken –dat is wat de mensen het meest vrezen, schreef Dostojewski. Ik weet niet of dat voor alle mensen geldt, maar ik weet wel dat het in zeer grote mate voor het mensje dat hier deze blog volkrabbelt, geldt. Ja, ik ben ontzettend bang voor nieuwe stappen. Zo bang dat ik ze het liefst niet zet. Of aan de hand van mijn vriend. Dat is Maak Limonade voor mij ook: mezelf uitdagen om wel die nieuwe stappen te zetten. Angst is een citroen. Tijd voor limonade dus.

 
Yoga is voor mij heel erg limonade. Ik weet dat het goed voor me is, dat ik er op alle mogelijke manieren positief door gevoed wordt, maar oh… wat blijft het eng. Vanmorgen regende het, en meteen klonk er een stemmetje in mijn hoofd: nou, dan blijf je toch lekker thuis, je gaat toch niet door die regen fietsen. Kop dicht, snauwde ik mezelf toe. En zond een berichtje het universum in of het alsjeblieft mocht ophouden met regenen. De laatste druppel regen viel drie minuten voor ik op mijn fiets zou moeten wegrijden. Ik had geen excuus om niet te gaan.
De anderhalf uur op mijn yogamatje zijn een constante worsteling met een knorrende maag, verkeerde sokken, stijf lijf, verwarring tussen links en rechts en daar van alles over vinden en wat moeten anderen daar dan wel weer niet van denken. Ik ben nog steeds meer bezig met anderen dan met mezelf. Als iedereen in de kaarshouding staat, zou ik zo klein als een muisje willen worden om door een gat in de muur weg te kunnen kruipen. Want ik kan de kaars niet. Tijdens het zingen van de mantra Om zoek ik wanhopig naar mijn stem, maar er komt geen geluid, hooguit een laag gebrom uit mijn keel. Tijdens de driehoekshouding kan ik mijn evenwicht niet houden en val om. Tijdens de eindontspanning ben ik de rest van de dag alweer aan het inrichten. En toch, en toch, is het de best bestede anderhalf uur van de week.
Want dan het moment op de fiets naar huis. Zelfs als er geen straaltje zon te zien is, zie ik zon. Voel ik zon op mijn huid. Hoor ik vogels zingen, niet één, maar een heel koor. En ze zingen voor mij. En de bomen buigen hun hoofd. Krokussen in het park richten zich op. Er is een regelrecht lijntje tussen mijn hart en de wereld. Elke woensdag als ik na mijn yogales naar huis fiets, voel ik me verbonden met alles en iedereen. Ook al kan ik een aantal houdingen niet, toch weet het universum zich in mij binnen te dringen. En andersom. Op woensdag ben ik de bloesemende boom langs het spoor, waar diezelfde ik van achter haar laptop op uit kijkt.