Herfst in mij

herfstbladerenIk ben altijd gek geweest op de herfst. Die spectaculaire kleuren in de natuur, kastanjes, hazelnoten en beukenootjes, rood-witte paddenstoelen die zo uit een sprookjesboek te lijken zijn weggelopen, ik vind het geweldig. Het grappige vind ik dat juist ik, die niet zo van verandering houd, deze verandering in de natuur ervaar als iets prachtigs en elk jaar opnieuw de les tot me door laat dringen dat verandering nodig is om tot nieuwe dingen te komen. Dat vertaal ik dan naar mijn eigen leven. Ik stel mezelf de vraag wat ik los mag laten om in het voorjaar weer mooi en krachtig tot bloei te komen: wat zijn mijn herfstbladeren?

Als ik een boom ben, hang ik vol met angsten. Angst voor het donker, angst voor alleen thuis zijn, voor harde onverwachte geluiden. Angst om te falen, om niet te voldoen aan andermans verwachtingen, om niet te voldoen aan mijn eigen torenhoge verwachtingen. Angst om op te vallen, om anders te zijn, om raar te zijn.

Zo spectaculair als echte bomen dat doen zal ik mijn angsten niet van me af werpen, maar ik ben wel wat met mijn takken aan het schudden. Mijn angsten zwaaien heen en weer. Het zou maar zo kunnen dat er vandaag of morgen es eentje loslaat. En dan een paar dagen of weken of maanden later misschien nog wel eentje, of twee. Ik blijf gewoon mijn takken schudden. Het is herfst. Niet alleen buiten. Ook hier binnen zijn mijn bladeren voorzichtig aan het verkleuren.

[blog_subscription_form]

De Lijst

In mijn vorige blogpost over het boek Sterker dan afwijzing gaf ik al aan dat deze blogpost over een ander boek zou gaan, De Lijst van Yuval Abramovitz. Hoewel het me al wel iets hielp om me minder aan te trekken van een eventuele afwijzing, had ik niet het gevoel dat ik het inzette voor iets dat er echt toe deed. Daarom verdiepte ik me in De Lijst, in de hoop daar te vinden wat voor mij echt belangrijk was.

De lijstDe Lijst hielp hem beter worden
Het verhaal van Yuval Abramovitz is een bemoedigend verhaal. Hij raakte verlamd toen hij zestien was door een ongelukkige val en het zag er naar uit dat hij nooit meer zou kunnen lopen. Maar hij gaf alle medici het nakijken en stond na 2,5 jaar weer op eigen benen. Dank zij de lijsten die hij tijdens zijn ziektebed had gemaakt met zijn dromen en doelen erop. Die lijsten gaven hem de kracht om te vechten voor zijn volledige herstel. Toen hij na zijn herstel een nieuwe lijst met doelen en dromen op een blog plaatste, was dat binnen een paar dagen een enorme hit. Van alle kanten werd hem hulp aangeboden om zijn dromen werkelijkheid te laten worden. En dat, zegt Abramovitz, is voor iedereen weggelegd, die zijn dromen van de daken schreeuwt.

Je dromen van de daken schreeuwen dus. Ik schrik daar een beetje voor terug. Ik houd mijn geweldige ideeën het liefst voor mezelf, omdat ik bang ben dat iemand anders ermee vandoor gaat. Maar, zegt Abramovitz, ik moet mijn schulp uit. Ik moet mijn droom van de daken brullen, schreeuwen dat ik een limonadeboek wil uitgeven -want dat wil ik namelijk-. Het heet Limonade voor beginners en het is bijna af.

Iedereen wil helpen
Nadat Abramovitz zijn dromen op zijn blog deelde, kreeg hij werkelijk van alle kanten hulp aangeboden; van gratis logeeradressen in Australië tot gratis hulp met zijn website, van 400 dagen gratis trainen op een sportschool tot uitnodigingen voor lezingen en gratis financieel advies. Volgens Abramovitz willen mensen in principe graag helpen, als maar duidelijk is waarom het belangrijk voor je is om de droom te verwezenlijken. Dan hoeft een ander er niet eens zelf iets anders uit te halen dan jou blij maken met zijn of haar hulp. Ik denk dat hij gelijk heeft, ik vind het ook fijn als ik iemand ergens mee kan helpen, dat geeft mij een goed gevoel. Dus waarom zou dat niet voor iedereen zo zijn?

Maar dan nog, mijn droom van de daken schreeuwen? Als ik zometeen op publiceer druk, weten niet alleen mijn blogvolgers waar ik van droom, maar ook al mijn facebook- twitter en linkedin-contacten. Ik vind dat nogal spannend. Dat mag ook wel van Abramovitz, ik mag het hartstikke spannend vinden, als ik me daar maar niet door laat weerhouden om het toch te doen.

Mijn limonadeboek
Nou, vooruit dan, mijn droom: het boek Limonade voor beginners, dat losjes is gebaseerd op mijn blog, uitgegeven krijgen. Het wordt een boek met illustraties, mooi vormgegeven, een boek waar je blij van wordt en geïnspireerd door raakt, omdat het mooie mensen en initiatieven laat zien en handvatten aanreikt voor een positieve levenshouding. Plus veel limonade. Toen ik een paar jaar geleden mijn blog begon, deed ik dat vanuit mijn eigen behoefte om van mijn citroenen limonade te  maken. Gaandeweg verschoven mijn eigen citroenen wat naar de achtergrond en ontdekte ik dat er veel meer limonademakers zijn en dat er veel meer limonade te maken valt dan ik dacht. Zoveel limonade verdient gewoon een boek!

Iemand ideeën, tips of contacten die me kunnen helpen om deze droom te verwezenlijken?

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Afgewezen

Hoewel je er echt niet dood van gaat, is het een angst die veel mensen kennen: de angst om afgewezen te worden. Vaak is de angst zo enorm dat het veiliger voelt om sommige dingen niet aan te gaan of bepaalde situaties uit de weg te gaan dan nieuwe dingen te proberen. Dat maakt het scala aan mogelijkheden en kansen wel wat beperkt. Want stel dat je nou niet bang zou zijn om afgewezen te worden, stel dat het je niet uit zou maken wat een ander van je denkt of vindt, wat zou je dan niet allemaal kunnen doen!Sterker dan afwijzing

Jia Jiang droomde ervan om zijn eigen bedrijf te beginnen. Als kind al wist hij dat hij ondernemer wilde worden. Maar de angst om afgewezen te worden, weerhield hem ervan zijn droom na te jagen. Hij daagde zichzelf uit om iets met die angst te doen. Honderd dagen lang zocht hij bewust afwijzing op. Hij belde bijvoorbeeld bij een wildvreemde aan met de vraag of hij in de tuin mocht voetballen en vroeg een andere wildvreemde of hij 100 dollar mocht lenen. Hij merkte dat hij niet dood ging als hij nee als antwoord kreeg, en dat er soms zelfs een onverwacht ja volgde, met allerlei leuke en spannende situaties als gevolg.

Het boek dat hij daarover schreef, Sterker dan afwijzing, is een aanrader. Het zette mij er in elk geval toe aan om van dit boek een recensie-exemplaar aan te vragen, waarbij de verwachte nee en het verwachte hoongelach om mijn ‘blogje’ uitbleven, en ik een exemplaar toegestuurd kreeg. Het zette me ertoe aan weer een paar tijdschriften te benaderen met artikelvoorstellen, waar ik weliswaar tot op de dag van vandaag geen antwoord op heb gekregen, maar ik leef nog. Het zette me ertoe aan advies te vragen bij het kopen van een mamafiets, want so what als je uitgelachen wordt omdat je het allemaal niet weet. En nu fietsen mijn meisje en ik lekker rond. Maar ik ben er nog niet klaar mee. Eigenlijk kon ik niet goed bedenken wat ik echt graag zou willen, maar niet aanga omdat ik bang ben voor afwijzing of mislukking. Daarvoor ga ik een ander boek raadplegen, De lijst van Yuval Abramovitz. Daarover volgende week meer.

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Brexit in Huize Limonade

20160711_160308Verdrietig zijn om iets dat voorbij is, betekent dat je iets heel moois hebt mogen meemaken. Zo mooi, dat het pijn doet als het er niet meer is. En zo is het ook. Afgelopen week ben ik gestopt met de borstvoeding. EXIT BREASTFEEDING. Ik denk dat mijn kleine meisje borstvoeding kunnen geven het mooiste is dat ik ooit heb mogen ervaren. Dat kleine zachte meisje dat zo vol vertrouwen tegen me aan ligt, vol overgave aan mijn borst sabbelt en me af en toe even aankijkt, haar handje op mijn borst of in mijn nek, soms even door mijn haar aaiend. Het waren momenten waarop de tijd even leek stil te staan. Pure vrede, pure zachtheid, pure liefde.

Die pure liefde blijft uiteraard. Maar zo geconcentreerd in een enkel moment van perfectie zal het waarschijnlijk niet vaak meer zijn. Ik ben ervan overtuigd dat het voor haar goed is om te stoppen, maar ik heb wel de nodige tranen vergoten. Het grote loslaten is in volle gang. Mijn kleine kampioentje tijgert de wereld tegemoet.

 

Leven en dood

Dit had een vrolijke blogpost moeten worden, over de eerste verjaardag van mijn kleine meisje die we gisteren vierden. Over het feestje ’s ochtends in bed, met cadeautjes, taart, verjaardagsliedjes en verjaardagskusjes. Over de grote ogen die ze opzette toen ze de slingers en pompons beneden in de kamer zag. Over haar eigen taartje waar één kaarsje op brandde, dat haar neefje en nichtje voor haar mochten uitblazen. Maar op het moment dat dat gebeurde, blies 18 km verderop haar oma haar laatste adem uit. Misschien een minuut eerder of later, maar laten we het voor de symboliek maar geheel samen laten vallen. Wat is ten slotte één minuut in een mensenleven? In plaats van een picknick in het park met meer taart en meer verjaardagsliedjes werd het afscheid nemen van mijn schoonmoeder. Zo vloeide blijdschap om de eerste verjaardag van mijn lieve mooie meisje over in verdriet om het verlies van haar oma, over in dankbaarheid om wat er is en blijft, over in pijn om wat niet meer. Zo gaan de dingen. Leven en dood. Hand in hand. Soms heel letterlijk op hetzelfde moment, als een onzichtbare band tussen oma en kleindochter. Daar kan je alleen maar dankbaar voor zijn. Verdrietig en dankbaar.

Meet the Cynthia

20160613_192001Mijn bomenbestand in de tuin is uitgebreid. Sinds vandaag woont, naast appelboompje Desiree Yona Gold en perenboompje Patricia, nu ook Cynthia, een citroenboompje, in onze tuin. Ik vond dat in de tuin van een limonademaakster een citroenboom gewoon niet mocht ontbreken. En ik denk dat het universum het met die gedachte eens was, want prompt liep ik tegen een citroenboompje aan. Niet zo letterlijk dat het pijn deed, maar wel zo letterlijk dat ik een klein vreugdesprongetje deed, de boom afrekende en mee naar huis sjouwde.
Daar staat ze nu te wennen, mooie Cynthia. De drie dames zijn wat stil, maar ik verwacht de rest van de zomer toch een vrolijk geklets in de tuin te horen. Patricia is best een kletskous, al heeft ze met de hooghartige Desiree niet een heel hechte band. Het blijft bij wat beleefde uitwisselingen over hun appel- respectievelijk peergroei. Desiree appelEén appel groeit er aan Desirees ranke takken en één peer maakt een schuchter beginnetje tussen Patricia’s volle bladerjas. Cynthia daarentegen draagt al een plukrijpe citroen en een tweede vrucht is in aantocht. Ik hoop dat dat een stimulerend effect op de andere dames in de tuin heeft.Patricia

Maar op dit moment voelen ze zich geloof ik wat geïntimideerd. Er heerst een ongemakkelijke stilte in mijn tuin. Misschien zijn ze wat beduusd door de enorme bui van een paar uur geleden, Cynthia’s eerste. Dat biedt wel gesprekstof, zou je zeggen. Ik blijf ze nauwgezet gadeslaan en houd jullie op de hoogte.

 

Verhaaltje uit de tuin

perenbloesemKennen jullie ze nog, mijn tuinbewoners? Desiree Yona Gold, het appelboompje dat ik twee jaar geleden van mijn geliefde kreeg, en Patricia, het perenboompje dat als huwelijksgeschenk onze tuin betrad. Twee boompjes van liefde in ons piepkleine achtertuintje. Desiree was een beetje een arrogante dame, erg op zichzelf, terwijl Patricia honderduit babbelde met Willy de Wonderkat en haar takken vrolijk en speels in de rondte gooide. Vorig jaar verraste Desiree met haar toch wat ingetogen karakter door ineens te stralen met prachtige bloesems en vervolgens twee, grote, rode appels. Patricia was daar zo van onder de indruk dat ze in haar schulp kroop en de rest van de zomer niet meer praatte noch bloesemde of peren gaf.

Mijn boompjes hebben het voorjaar geroken. En ik denk dat Patricia heeft gedacht, zoiets als vorig jaar ga ik me niet meer laten gebeuren. Ze trekt vroeg ten strijde, en ze gooit zich helemaal in die strijd, met blad, en knoppen en prachtige bloesems. Desiree kijkt het koeltjes aan. Ze schudt de winterslaap zonder haast van zich af. Misschien dat ze later het strijdarena nog betreedt, alhoewel jaloezie niets is voor deze trotse dame. In elk geval staat Patricia op het moment de show te stelen in de verder nog wat kale tuin. Oh, wat zou het leuk zijn als ik dit jaar peren uit eigen tuin kan plukken met mijn kleine meisje!

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Dagje kinderopvang

20160307_075811Ik rijd de lege kinderwagen op zijn plek. Keer ‘m meteen de rug toe. Zie een zwart gat vol oningevulde uren voor me. Weet me daar nog even geen raad mee. Begin maar met koffie. Een koffie die ik warm en in alle rust op kan drinken. Op de bank dus. Met warme koffie. En een heleboel stilte om me heen. Mijn ogen onrustig gericht op de babyfoon die zich ook al zo verschrikkelijk stil houdt. Een bak yoghurt dan. Nog een kop koffie. Het lukt me niet om er rustig van te genieten. Mijn kleine meisje kan immers elk moment wakker worden. Oh nee, dat kan ze niet.

Mijn kleine meisje is namelijk lekker aan het spelen met andere kindjes op de kinderopvang. Of misschien zit ze nu bij een van die lieve dames op schoot en krijgt ze zelfgemaakte appelmoes. Ze zijn vast liedjes aan het zingen en in de handjes aan het klappen. Mijn kleine meisje kijkt het waarschijnlijk verwonderd aan met haar mooie grote ogen. En ongetwijfeld lacht ze heel lief tegen die lieve dames. En ongetwijfeld denkt ze geen moment aan haar mama, die tranen in haar ogen had toen ze haar meisje achterliet. Dat zal ze alleen even doen als ze in bed wordt gelegd, een vreemd bedje, met vreemde geluiden. En geen kusje van haar mama.

Haar mama dwaalt een beetje verloren door het huis. Eindelijk tijd om te doen waar ze al maanden geen tijd voor had. Wat ook al weer?  Ze draait nog maar eens een wasje. Checkt haar mail voor de zoveelste keer. Boven ligt haar kleine meisje zo verschrikkelijk hard niet te huilen. Zo oorverdovend hard niet te kletsen. De afwezigheid van haar kleine meisje, met wie ze al acht maanden onlosmakelijk verbonden is, is niet alleen voelbaar in huis, maar ook in haarzelf, in haar lijf. Het doet pijn om haar niet te horen.

Het verlossende telefoontje: kom haar maar halen. Haar moeder legt de weg naar de kinderopvang bijna rennend af. En daar is ze, haar kleine meisje, op schoot bij een onbekende mevrouw. Enigszins gehavend, door een goedbedoelde liefdesuiting van een klein jongetje dat nog moet leren dat je niet kust met je tanden. Doodmoe, want slapen doe je niet bij vreemde lieve dames. Ze ziet er wat beduusd uit. Maar onderweg, vertrouwd met haar mama, komen de praatjes terug. En thuis, veilig bij mama aan de borst, valt ze meteen in slaap. En kan mama eindelijk genieten van haar koffie, die koud en gehaast naar binnen wordt gegoten.

Haar eerste sneeuw

sneeuwHaar oogjes gaan voorzichtig open. Ze vallen meteen weer dicht, maar springen ook direct weer open. En worden groter en groter. Ze zoekt mijn blik op de achterbank, haar vaders blik naast zich achter het stuur, en kijkt meteen weer door het autoraam naar buiten. Wat ziet ze? Grote sneeuwvlokken dwarrelen naar beneden. Het is een magisch gezicht, ook als je het voor de zoveelste keer ziet. Maar voor haar is het nieuw. Haar eerste sneeuwvlokken!

Een jaar geleden liep ik zwanger door de sneeuw en stelde me voor hoe ik volgende winter (nu dus) met mijn kindje door de sneeuw zou lopen. Nu rijden we met de auto door een hevige sneeuwbui en mijn lieve meisje kijkt er als betoverd naar.

Tegen de grijze lucht tekenen de donkere dennenbomen zich af en op de voorgrond is het een af en aan vallen van helderwitte sneeuwvlokken. Mijn meisje is moe, doodmoe. Haar ogen willen dicht, maar zij verzet zich tegen de slaap. Ze kan haar blik niet losmaken van het sprookjesachtige buiten. We zijn Apeldoorn al voorbij. Door het witte wonderlandschap rijden we naar huis. Als we onze straat in komen, vallen haar ogen weer dicht.

Opgeruimd het nieuwe jaar in

Wie al langer op mijn blog mee leest, weet dat ontspullen wel een dingetje voor me is. Ik ben in een soort permanente strijd verwikkeld met de spullen om mij heen. Er is altijd te veel, maar tegelijkertijd lijkt er onbewust ook een stemmetje te zeggen dat er te weinig is, omdat ik blijf zoeken naar mooie originele dingen. Die tegenstrijdigheid vormt denk ik de kern van de strijd.

20160111_193636

Uit het boek: Zo zijn ouders van Peter Bentley & Sara Ogilvie

Wie vandaag de dag het woord ontspullen in de mond neemt, kan niet om Marie Kondo heen. Deze Japanse opruimgoeroe heeft al vele mensen geïnspireerd om zich van een heleboel spullen te ontdoen. Hoewel ik vond dat er nu toch echt wel een grens bereikt was aan wat ik nog weg kon doen, wilde ik haar boek wel lezen. En ik ben blij dat ik dat gedaan heb. Want inmiddels zijn er al weer vijf tassen naar de kringloopwinkel vertrokken, liggen er een paar dozen boeken klaar om naar het antiquariaat te gaan en moet er een heleboel op Marktplaats gezet worden.  En dat is nog maar een voorzichtig begin.

Kondo’s gedachtengang is heel logisch. Zij draait het probleem eigenlijk om: vraag jezelf niet wat er weg kan, maar van welke spullen je blij wordt. Op dit moment. (dus niet vroeger, of misschien ooit in de toekomst) Laat al je spullen door je handen gaan, per categorie, en beslis op dat moment of je er blij van wordt of niet. Word je er blij van, dan houd je het en geef je het een vaste plek. Word je er niet blij van, dan laat je het gaan.

Ik vind het best schokkend om in mijn huis rond te kijken na het stellen van die simpele vraag. Want al die spullen om me heen hebben al tig opruimrondes overleefd, en heb ik dus als belangrijk, misschien zelfs wel als onmisbaar bestempeld, maar of ik ook blij word van die spullen heb ik me eigenlijk nooit afgevraagd. Terwijl dat toch vrij essentieel is.

Enfin, er gaat dus weer een heleboel weg. Ik zal in mijn volgende blogpost eens wat mogelijkheden op een rijtje zetten van wat je met spullen kunt doen die je zelf niet meer wilt hebben. Kijk in de tussentijd eens naar je eigen spullen en vraag jezelf of je er op dit moment blij van wordt. Ik ben heel benieuwd wat die vraag bij jullie in gang zet.